Travel Story | The South West Trip: Part 2

by Flip Flop Wanderers

Last updated on January 28th, 2020

Hoi hoi,

Zoals beloofd hierbij het tweede gedeelte van onze reis door the South West van Australië, met weer een hoop mooie avonturen.

Bij ons vorige verhaal waren we gebleven bij dinsdag 7 maart. Na een drukke dag met veel bezienswaardigheden en een nachtje op een erg gezellige bush camping, waar we in ons vorige verhaal over hebben verteld, was het die dag tijd om richting Walpole te vertrekken. Walpole is een klein plaatsje dat midden in de karri forests ligt. Maar voordat we bij dat plaatsje uitkwamen, gingen we eerst nog wat dingen bekijken onderweg.
Onze eerste bezienswaardigheid voor die dag was het Shannon National Park. Hier doorheen loopt een mooie weg door de bossen: de Great Forest Trees Drive. Op deze weg kwamen we langs de Shannon Dam.

Ook kwamen we langs de Snake Gully lookout: een stop langs de weg midden in het bos. Hier had je weer veel hoge bomen zoals we die al eerder hadden gezien. Het gekke aan deze bomen is trouwens dat ze hun schors laten vallen. Deze zie je overal liggen.

Na deze route was het tijd om de bomen even te verlaten om naar de kust te gaan. We reden naar Mandalay Bay wat ook weer bij het D’entrecasteux National Park hoort.

Hierna waren we al vrij dicht bij Walpole, waar we eerst nog even bij Mt Clare gingen kijken. De lookout op de berg vonden wij net iets te ver lopen, maar naast de berg stond een mooie Tingle Tree. Dit is een hele grote Eucalyptus boom, waarvan door bosbranden het hart van de boom is weggebrand waardoor hij uitgehold is. De bomen leven nog wel, omdat ze hun voeding door de buitenkant naar boven voeren. Je ziet deze soort bomen alleen in dit gedeelte van Australië!

Eenmaal in Walpole was het eerst tijd voor een bezoekje aan het visitor centre, waarna we onze route vervolgden naar Coalmine Beach.

Vervolgens gingen we bij nog een tingle tree kijken: de Giant Tingle Tree. Via een korte wandeling kwamen we bij deze boom uit en, zoals de naam al zegt, deze boom was inderdaad heel groot! Je kon er zelfs dwars doorheen lopen. Indrukwekkend!

We reden nog langs Circular Pool (een watervalletje in de rivier),

om daarna een wandeling te maken op de Swarbrick Art Trail. Dit is een kort pad door de bossen waarop ze wat ‘kunst’ hebben neergezet. Helemaal niet zo boeiend, want de ‘kunst’ konden wij nou niet echt kunst noemen! De lange spiegel was dan op zich wel weer grappig en een gouden ring boven in de bomen deed ons herinneren aan wat voor engeltjes wij zijn 😉

Onze laatste stop van de dag was de Mt Frankland Wilderness Lookout: een hoge berg met daarop een hele mooie lookout. Het uitzicht was prachtig!

Onze camping die avond was Ayr Sailean, een camping die goed beoordeeld was op Wikicamps. En de camping was idd erg goed. Achter een boerderij hebben de eigenaren zelf een camping aangelegd en de faciliteiten waren super. We hadden zelfs wifi en je kon gratis gebruik maken van de wasmachine.

De volgende ochtend gingen we nog wat meer dingen in Walpole bekijken. Zo reden we eerst naar Peaceful Bay,

en vervolgens naar Conspicious Cliffs. Een mooie lookout en strand!

De volgende stop was de Valley of the Giants Tree Top Walk. Dit is een bekende boardwalk hier in Walpole die 40m hoog door de bomen heen loopt. Heel indrukwekkend!

Zoals jullie kunnen zien is 40m best wel hoog en de boardwalk wiebelde ook nog eens heel erg! Maar de bikkel in Manon durfde het toch maar mooi wel met haar hoogtevrees 😉

Vroeger stond op deze plek een grote Tingle Tree waar mensen hun auto in parkeerden voor een leuke foto. Dat wilden wij eigenlijk ook wel! Helaas is deze boom in 1990 overleden, dus hij is er niet meer. Wel hadden ze een bord staan met deze boom en een auto erop geschilderd waar je ‘in’ kon gaan zitten, zodat het net leek alsof je toch in deze boom bent geweest 😛

Na de wandeling reden we verder naar Denmark. In Denmark heb je een aantal prachtige stranden in het William Bay National Park, zoals Greens Pool. Helaas was het vandaag erg regenachtig dus konden we niet goed zien hoe mooi de stranden eigenlijk écht zijn. Maar zelfs met dit weer zag het er allemaal geweldig uit! Greens Pool is bijvoorbeeld een mooi strand met ongelofelijk helder water. Je schijnt er ook goed te kunnen snorkelen, maar dat was ons echt te koud.

We keken ook nog even bij de Elephant Rocks, maar zoals jullie op de volgende foto kunnen zien begon het net weer kei hard te regenen. Jammer!

Dan maar verder naar Shelley Beach in het West Cape Howe National Park. Vanaf de lookout zag je al hoe ontzettend mooi wit dat strand is en hoe blauw het water is. Eenmaal beneden was het nog mooier! Er was ook een camping op het strand, super leuk. We willen daar zeker nog een keer terug om te gaan overnachten, wanneer het mooi weer is.

Na nog een stukje verder rijden kwamen we in Albany uit. Albany is opeens een redelijk grote stad met 25.000 inwoners, wat wij best raar vonden zo na al die kleine dorpjes en national parken. In Albany zijn een hoop dingen te zien, dus we zullen hier een nachtje blijven.
Onze eerste stop in Albany was de windfarm. Hier produceren ze heel veel wind met grote windmolens zodat je in heel WA kan surfen (een opmerking van Bram natuurlijk…).

We wilden vandaag ook nog het Torndirrup National Park bekijken, wat in het zuiden van Albany ligt. Het National Park staat bekend om zijn prachtige stranden, kliffen en uitzichtpunten. Onderweg zagen we nog wat kangaroos 🙂

Als eerst reden we naar het uiterste puntje van het national park: Frenchman Bay. Wat een helder water is hier toch overal!

Vervolgens kwamen we langs Salmon Holes, ook al een mooi strand.

En we kwamen ook nog langs Misery Beach, waar we een mooie regenboog de zee in zagen gaan. Zo leverde het slechte weer toch nog wat mooie foto’s op!

De volgende stop was Jimmy Newells Harbour: een inham van de zee waar je een haven zou kunnen bouwen.

Het laatste voor deze dag was de bekende Natural Bridge en The Gap. Een erg mooie lookout over indrukwekkende kliffen. De zee spat hier hoog op tussen de rotsen.

Na een lange dag gingen we die avond overnachten op een gratis parkeerplaats lang de weg.
De dag erna regende het helaas nog steeds, waardoor we eigenlijk niet veel konden. We wilden nog wat stranden bekijken, maar dat had zo geen zin. Dan maar het centrum van Albany bekijken, waar je wat oude gebouwen hebt.

Ook gingen we naar het Western Australian Museum: Albany, wat best wel saai was. Je had er wel een schooltje van vroeger nagebouwd, wat nog wel grappig was,

en een replica van een oude boot waarmee de eerste Europese bewoners in Albany aankwamen vanuit Sydney.

Na wat boodschappen besloten we maar om naar het Porongurup NP te rijden, weer het binnenland in. Hier willen we morgen een wandeling gaan doen. Omdat we vandaag nog genoeg tijd hadden gingen we vast de Tree in the Rock bekijken in dit National Park. Dit was, zoals je al verwacht, een boom die in een rots groeit. Niet echt boeiend 😛

Omdat het maar bleef regenen gingen we die middag maar alvast naar een camping die aan de rand van het National Park lag. Een goede camping met aardige eigenaren en gelukkig een warme camp kitchen waar we binnen konden zitten.

Die vrijdag stonden we vroeg op om de Castle Rock Granite Skywalk te gaan wandelen in het Porongurup National Park. De Granite Skywalk is een steile wandeling van 4,4 km waarbij je bovenop de top van een grote granieten rots terecht komt, met prachtige uitzichten.
De wandeling begon eigenlijk al meteen mooi. We liepen door een groot karri forest waarbij het pad best steil omhoog liep. Al snel waren we honderden meters hoog.

Na een hoop kilometers door het bos wandelen merkten we dat de bomen steeds minder werden en dat we steeds meer een mooi uitzicht hadden. Nog een stukje verder kwamen we uit bij de Balancing Rock. Een rots waarvan het er inderdaad op lijkt alsof ie balanceert op de grond.

We waren nu echt dicht bij de top en dit zagen we aan de vele prachtige, granieten rotsen die er verspreid lagen/stonden. Op sommige stukken moest je echt over rotsen heen klimmen.

En toen waren we dan echt bijna op de top. Er zijn hier bij de top 2 uitzichtpunten: de lower lookout en de upper lookout. De lower lookout is gewoon een simpele lookout, maar de upper lookout is wel wat anders… Voor Manon een beetje een dilemma of ze daar heen zou gaan, want een hoop mensen hadden ons al gewaarschuwd dat je voor de upper lookout geen hoogtevrees moet hebben. En als er iets is wat Manon juist wel heeft… Voor de upper lookout moet je namelijk over hoge rotsen klimmen (waarbij je best wel lang en lenig moet zijn) en een hele steile ladder bij de afgrond beklimmen. Toch schijnt het uitzicht daar prachtig te zijn, dus Manon wilde het wel proberen. Ze kon natuurlijk altijd nog terug. Het eerste stuk was over de hoge rotsen klimmen, wat helemaal niet eng was, maar vooral lastig. Vooral voor Manon, omdat ze er eigenlijk veel te klein voor was haha. Met wat hulp van Bram lukte het toch. Vervolgens moest je nog door wat smalle rotsen heen lopen en klimmen.

En toen kwam het engste: de ladder opklimmen. Die ladder was niet zomaar iets, want hij stond echt recht naar boven. Gelukkig zaten er wel wat hekjes omheen zodat je er niet zomaar vanaf kan vallen 😉 Manon wilde zich niet laten kennen en wilde toch wel heel graag het uitzicht zien, we waren nu zó dichtbij!, dus ze klom er toch maar op. Iehh die afgrond onder en aan de zijkant (en eigenlijk overal) van de ladder was toch wel heel erg diep! Vooral niet naar beneden kijken…! Met trillende benen klom ze omhoog en toen waren we dan toch eindelijk op de top! Alhoewel de trap toch wel een beetje (;)) eng was, viel het achteraf allemaal wel mee. Het was niet zo erg als iedereen tegen ons zei!

Het uitzicht boven op de top was echt prachtig! Echt, we hebben al heel veel wandelingen gedaan in National Parken in ons leven, maar toch stonden we er echt van te kijken hoe mooi deze wandeling was!

Boven op de granieten rots hadden ze een soort boardwalk gemaakt, waardoor je veilig rondom deze rots kon lopen.

Na een hele hoop foto’s hier op de skywalk, moesten we de trap natuurlijk weer naar beneden… Dat was ook nog even spannend maar gelukkig minder eng als naar boven. Onder aan de ladder was ook nog een heel mooi uitzicht waar we ook nog even de nodige foto’s moesten maken.

Hierna weer ‘even’ de hoge rotsen afklimmen en toen konden we weer heel het eind terug naar beneden lopen. Eenmaal terug bij de auto konden we even uitrusten van de wandeling, want we gingen een stuk verder rijden naar het Stirling Range National Park. In dit National Park heb je ineens hoge bergen van meer dan 1000m hoog met kliffen, mooie uitzichten en wildflowers. Het is de enige grote bergketen in het zuidelijke gedeelte van West-Australië. In dit National Park gingen we de Stirling Range Drive rijden, een lange gravel road die je langs wat bezienswaardigheden in het park brengt.

En op deze weg moesten we natuurlijk ook nog wat gekke foto’s op de weg maken 😉

Op een gegeven moment kwamen we bij de Central Lookout uit. Voor die lookout moesten we eerst een wandeling maken over wat kleinere bergjes. Tijdens die wandeling was het uitzicht ook al erg mooi.

Uiteindelijk bracht de wandeling ons op de top van een ander bergje. Vanuit hier had je echt een prachtig uitzicht! Echt, dit was ook weer zoiets waar wij serieus onze ogen uitkeken. Dat blijkt ook wel weer uit de vele foto’s die we hebben gemaakt 😉 Geweldig mooi!

Een stuk verder in het National Park reden we langs een groot weiland en opeens zagen we daar een hele kudde emoes! Ze renden daar gewoon vrolijk met z’n allen tussen de schapen. In ons eerste jaar hadden wij alleen 1 emoe heel even in het wild gezien, maar die rende meteen weg. Zoiets als dit hadden we nog nooit gezien. Echt super vet!

Onze laatste stop in het Stirling Range National Park was de Bluff Knoll. Dit is de bekendste berg van het NP en veel mensen beklimmen deze berg. Wij wilden dit eigenlijk ook heel graag gaan doen, maar de wandeling was nog langer dan de vorige en daar hadden we nu echt geen tijd meer voor helaas. Dan de berg maar van onderaf bewonderen.

Hierna was het tijd om nog een stuk verder te rijden richting het oosten. We willen morgen namelijk het Fitzgerald River National Park gaan bekijken en dat is nog bijna 200 km rijden. Onderweg zagen we veel kangaroos op de weg. Je merkt dat we nu echt weer een beetje in de outback rijden in the middle of nowhere, leuk! Af en toe moesten we wel echt vol in de ankers, maar gelukkig hadden we geen kangaroo geraakt. Onderweg aten we wat bij een roadhouse en uiteindelijk overnachtten we, na een lange dag, ergens op een gratis plek bij de plaats Needilup.

De volgende dag gingen we weer vroeg op pad. We hadden weer veel te zien vandaag! Op naar het Fitzgerald National Park, nu nog zo’n 50 km rijden. Onderweg hier naartoe zagen we alweer wilde emoes. Eerst zie je ze nooit, en nu zie je ze zowat elke dag! Dit keer was het een moeder met 3 kleintjes.

Op een gegeven moment kwamen we bij één van de drie ingangen van het Fitzgerald River National Park aan. Het Fitzgerald River National Park is een enorm groot national park, het is zelfs één van de grootste van heel Australië, namelijk 330.000 hectare. In het National Park bevindt zich zo’n 20 procent van heel de flora van West-Australië en het heeft een grote variëteit aan landschappen. Het is vooral outback met alleen maar off-road weggetjes, maar er zijn ook bergen en prachtige witte stranden en indrukwekkende kliffen. Van alles wat dus! Je kunt je dan ook wel voorstellen dat wij dit National Park niet even snel hadden gezien 😉
Het lastige van het park is alleen dat het eigenlijk verdeeld is in twee gebieden met bezienswaardigheden en tussen die twee gebieden loopt geen weggetje wat het met elkaar verbindt. Hierdoor moet je dus na het eerste gedeelte gezien te hebben weer helemaal terug naar het noorden rijden, het National Park uit, de highway op om vervolgens weer via een andere ingang helemaal naar het zuiden te rijden om het tweede gedeelte te zien. Zo moesten wij bij de eerste ingang waar we kwamen 64km naar het zuiden rijden om bij de eerste bezienswaardigheden te komen. En dat is niet even snel die kilometers rijden, nee, dat is op een erg slechte off-road weg 64km hobbelen. Het duurde dus wel even voordat wij in het zuiden waren 😉 Onderweg is er geen kip te bekennen en heb je het gevoel dat je helemaal alleen op de wereld bent.
MAAR eenmaal bij onze eerste stop, Point Ann, werden we beloond met prachtige uitzichten. Mega witte stranden, steile kliffen: echt zó mooi! En helemaal niemand anders te bekennen, we waren er helemaal alleen.

Hier bij Point Ann kon je ook nog een korte wandeling maken langs de No.2 Rabbit Proof Fence. Dit hek eindigde en begon hier vroeger. De Rabbit Proof Fence is een hek dat tussen 1901 en 1907 werd gebouwd en helemaal door West-Australië liep vanuit het zuiden bij Esperance tot aan het noorden bij Broome. Je hebt 3 verschillende hekken en de No.2 waar wij nu dus waren liep vanuit Point Ann tot aan ergens midden in de outback op de helft van de No.1 fence. Het hek is in totaal 3256km lang!
Het hek werd toentertijd gebouwd om de staat West-Australië te beschermen voor konijnen en ander ongedierte uit het oosten van Australië. In het oosten van Australië had een Engelsman namelijk een stuk of 30 konijnen mee naar Australië genomen zodat ze hier ook af en toe een keer konden gaan jagen. Dat liep echter al snel uit de hand en al snel ontstond er een hele epidemie in Oost-Australië. En dat wilden ze hier in West-Australië natuurlijk ook niet! Zo ontstond de Rabbit-Proof Fence. Tegenwoordig bestaat het hek niet meer, maar kun je op sommige plekken nog wel de restanten zien liggen, waaronder hier in Point Ann.
Erg interessant, helemaal omdat wij een tijdje terug de film The Rabbit-Proof Fence hebben gekeken. Mochten jullie die nog niet gezien hebben: wij raden het zeker aan!

Naast wat restanten van het hek had je op deze wandeling ook prachtige uitzichten over het mega witte strand en de zee.

Na deze mooie stop verlieten we het eerste, westelijke gedeelte van het National Park weer waarvoor we wederom diezelfde 64km lange hobbelige off-road weg moesten nemen terug naar het noorden. Eenmaal weer op de highway reden we nog een heel stuk naar het oosten om daar de ingang naar het tweede gedeelte van het National Park te nemen. Wederom moesten we zo’n 60km naar het zuiden rijden over een hobbelige off-road weg.
Bij de ingang zagen we op een bordje alleen een probleem staan: de verharde weg van het National Park naar de plaats Hopetoun is afgesloten! Deze weg wilden wij eigenlijk nemen, omdat dit veel korter is dan weer de off-road weg terug nemen. Eigenlijk is dit ook dé officiële weg om gemakkelijk in het National Park te komen. Wat bleek nu echter: heel deze weg was gewoon weggeslagen door overstromingen! Een maand terug, toen het in Perth ook zo regende, had het hier nog veel harder geregend en waren hier overal overstromingen. Deze waren zo krachtig dat er een hoop wegen zijn weggespoeld. Het ging dus niet lukken om de korte weg te nemen, dus moeten we straks weer heel die hobbelige weg terug rijden. Jammer dan!

Het weerhield ons er toch niet van om het National Park te bezoeken en het was er juist heerlijk rustig zo. Op 2 oudere vrouwen na, was het hele National Park leeg! Na wat hobbelen kwamen we bij onze eerste stop uit: Cave Point. Een prachtig uitzicht op kliffen en een wit strand.

Onze volgende bezienswaardigheid was West Beach. Een erg mooi wit strand met ontzettend fijn zand. En er stonden gewoon helemaal geen voetstappen op heel het strand omdat hier de laatste tijd bijna niemand komt door de slechte bereikbaarheid.

Hierna gingen we naar Miley’s Beach. Hier was ook al even niemand meer geweest, want het bruggetje waar we overheen moesten zat vol met spinnenwebben!

Op het zand tussen de duinen zagen we een aantal rare pootafdrukken. Al snel kwamen we erachter dat dit van een kangaroo moet zijn geweest. Leuk, hier komen ze dus ook gewoon op het strand!

De volgende stop was de Barren Lookout. Vanaf hier kon je de andere kant van de baai zien, waar de weg naar Hopetoun over stak. STAK, verleden tijd inderdaad, want er was nu niet veel weg te zien…

Omdat we toch wel benieuwd waren of we stiekem niet tóch de weg over konden steken, reden we naar beneden en gingen we bij het punt kijken waar we niet meer verder konden. Nou, we kwamen er al snel achter dat we écht niet op deze weg konden rijden… er was namelijk helemaal geen weg meer! Het beetje weg dat er nog lag was helemaal afgebrokkeld en onder de weg was allemaal zand weggeslagen. Dat ging hem dus niet worden 😉

Toen Bram dichterbij liep om een foto te maken lag er een slang op de weg! Omdat hij niet wist wat voor slang het was ging hij hem toch maar niet voorbij, maar gelukkig ging de slang na een tijdje weg. Later kwamen we erachter dat dit een Tiger Snake geweest moet zijn en die zijn extreem giftig! Maar goed dat Bram even wachtte dus…

Hierna hadden we alles eigenlijk wel gezien in het National Park en moesten we dus weer heel dat eind terug hobbelen over de onverharde weg. Omdat het al wat later was, zagen we onderweg heel veel wallabies en ook een paar kangaroos, leuk! Veel wildlife gezien dus vandaag: kangaroos, wallabies en emoes 🙂

Eenmaal weer op de highway reden we verder naar het plaatsje Ravensthorpe. Hier vonden we een prima camping om te overnachten.

Enn, nu stopt het verhaal weer even. We kwamen erachter dat het tweede gedeelte van deze trip toch echt té lang was om in 1 verhaal te proppen, dus we hebben dit ook weer in 2 gedeelten verdeeld. Zo blijft het toch iets fijner voor jullie om te lezen 😉
De komende dagen zal het laatste gedeelte van onze trip dan dus eindelijk op onze site verschijnen.

Stay tuned for The South West Trip: Part 3!

Laat trouwens vooral een comment achter over wat jullie van onze verhalen vinden 🙂
En vergeet niet dat je je ook kan aanmelden voor onze nieuwsbrief! Je krijgt dan als eerste een mailtje wanneer er een nieuw verhaal op onze site komt! Je kunt je aanmelden door aan de rechterkant in de sidebar je naam en e-mailadres in te vullen onder ‘receive updates’.

~

Pin it for later

Did you like this article? Subscribe to our newsletter for more exclusive content, travel tips, and free stuff:

You may also like

5 comments

Mario May 5, 2017 - 8:40 pm

Onze held die haar hoogtevrees weet te overwinnen ?
En ja, de opmerkingen van Bram missen we wel ?
Verder nog een mooie tijd in Australië ?

Groetjes Papa

Reply
Mama Betsie May 5, 2017 - 9:52 pm

Weer genoten van jullie belevenissen!
Wat een mooie foto’s! En wat hebben jullie weer veel gezien en meegemaakt!
Fijn dat we zo mee mogen genieten!

Reply
Marti May 5, 2017 - 11:45 pm

Wat een mooi verhaal weer en wat een schitterende foto’s! Jullie zien nu echt een heel ander Australië dan de vorige keer. Super om te lezen.

Reply
Claudia May 6, 2017 - 4:30 pm

Wat een geweldig mooie foto’s! En wat vind ik het knap van jullie samen, petje af. Wens jullie nog heel veel moois en gezondheid en geluk. Dank je wel dat ik mee mag genieten. Op naar meer 🙂

Reply
Maartje May 7, 2017 - 8:21 am

Mooie natuur.

Reply

Leave a Comment

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More

DON’T MISS OUT!
Subscribe to Flip Flop Wanderers
Get free stuff, exclusive travel tips, the latest travel blogs and more!
SUBSCRIBE
We won't send you spam. Unsubscribe at any time.
close-link
error: Alert: Content is protected !!